Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-C =70-)-

ic deen geboren worden, maar Godsdienftigheid overwint deze bindernis , met de gedachten, dat, indien ieder dus dacht, de Kerk, eindelijk, geheel zonder Leeraaren zoude zijn, en hoe ijverig moet dit ieder Christen maaken. om tewaaken en te bidden, om voor Slons Koning te ftrijden ! Zou dc weinige vrucht, die men doorgaands van de verkondiging des godlijken woords befpeurt, eenen aanitaanden Prediker van hetzelve doen aarzelen in zijne toebereiding tot dit ambt ? Neen ! hij begint en gaat onvermoeid voord, onder het nederig opzien tot den troon der genade, om zijn perk ten einde toe te bewandelen.

Nu hebben wij de zwaarigheden van het kleen getal der genen , die zich tot den openbaaren Predikdienst voorbereiden, opgelost.

Het laatfte middel, om veelen tot den openbaaren Predikdienst optewekken, en alzo een gevreesd gebrek aan Predikanten voortekomen , moet door middel van de hooge Overigheid in 't werk gefteld worden. Verftandige Mannen hebben Teeds aangemerkt , dat de fondfen , voor de behoeftige ftudee■ rende Jeugd gefchikt, al te bepaald verordend zijn , 'en dat bette wenfehen ware, dat derzelver vruch • ten meer algemeen genoten wierden; en, om dit te bewerken, hebben de Vaderen des Vaderlands macht en gezag. Zoude men aan hunne goedkeuring kunnen twijfelen , wanneer zij door een aanzienlijk ge'zantfehap van godvruchtige Leeraaren ernftig en eerbiedig verzogt wierden, om die fondfen, welken.nu alleen Voor dezen en genen ter bevordering hunner ftudie dienen , meer algemeen en dus verder te laten j

Sluiten