Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-C 512 )_

onflerflijka Geniën zijn voor het Menschdom genoeg»«.. Ditgezegde betreft alleen diegenen, van milten het den onderwijzer, bij eene nauwkeuriger tanZ

-md ^m.u^Z^^^Z

wl;ngzmoeite noch op!ettendheid ^ »

ja dl ^ °Verigen betreft' tuchteloos

». dwaas zelfs is het, hen tot het beoetenen der Dichtkunst aantezetten. Veel beter ware het voor hun den voorouderlijken grond te beploegen , dan de ,k0Ste"jke uure" eens vluchtigen leevens , met armhartige rijmerijen te vernielen. Dan, dat iemand, <ue zich aan bet verkrijgen van nutte kundigheden toegewijd heeft , in het vak der fraaie wetenfchapPen geheelenal een vreemdeling zij, dit voorzeker is onverfchoonbaar. De fchuld hiervan ligt alleen aan het gegeven onderwijs.

De reden , waarom op dit onderwerp gemeenlijk zo weinig acht geflagen wordt, zijn , onzes oordeels, voornaamlijk deze. Op onze hooge Schooien houdt "en, bij het behandelen der Latij„fche e„ Grkkfche Schnjveren,zich veelal met niets anders , dan met het opzoeken van verfchillende lezingen en een eindeloos vitten over een' enkelen letter of woord, bczig , zonder op het wezenlijke fchoone , de waare verdienden van den Autheur , dien men behandelt, de vereischte acht te daan; veel min, eenige vaste , op eene zuivere wijsbegeerte cn een gezond oordeel rustende,, regels der Dichtkunst aan de ftudetrendt Jeugd te doan opmerken , of hun eenige

wer-

Sluiten