Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

—C 530 )—

ijdelzinnijrieden der-mode; zij handelt fteeds naar de zuiverde grondwetten van het verruit en geweten; haar geest is recht manlijk, fterk en groot, Maja, haare vriendin, is volmaakt het tegenovergefielde van haar. Deze heeft altijd van de coquetterie ha-ire hoofdbezigheid gemaakt. Van jongs af omringde haar een heir van dwaaze hofjonkers. Haar voornaamfte arbeid beftaat hierin, dat zij dit heir op den duur in werking blijft houden, en -door nieuwe verövetingen tracht te vermeerderen, waartoe haar ligchaamlijke fchoonheid haar zeer ten dienfte ftaat. Voor het overige heeft haar charakter weinig of geheel geene vastigheid, geen ernst, geene duurzaamheid ; haare gewaarwordingen lopen alle oogenblikken met haar vernuft daarvan af; de beuzelende moedwil fpeelt om haar voorhoofd; daarbij is zij ten uiterfte gevoelig, en een' bijgelovige vriendin der natuur; en van deze, voor het overige zsex lievenswaardige, maar ligtzinnige vrouw is Ag at ha de warmfte vriendin, en dat wel in den volftrekten zin van het woord. Ik wil beproeven, om dit onverklaarbaar fchijnend verichijnzel optelosfen. Maja is aan haar' eerfte vriendin zeer veel verplichting fchuldig: deze heeft , door haaren invloed, den toegang in de voornaamfte huizen aan Maja bezorgd, heeft haar met zulke aangenaame lieden in kennisfe gebragt, als aan het liefkozend Vrouwtje immer te beurt hadden kunnen vallen. Maja, die een week hart heeft, was niet ondankbaar voor deeze bewijzen van goedheid. Zij maakte dan Agatha tot de vertrouwde van haare

ver-

Sluiten