Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-(5=

De Godsdienst is zijne aandacht geheel onwaardig; zijn verlicht verfland sweet zich zeer ftigneus te verheffen boven laage volks vooroordeelen; het gemeen mag men in llaap wiegen met bullebakken van eeuwigheid , van ftraffen en belooningen na dit leeven ; —. de onkundige moge 'er' zich over bekommeren; — hij is een waare wijsgeer—ja, ik geloof, dat hij wel onder den rang der Epicuristen kan geplaatst worden , ten minften zijn ftelregel is , de wellust is. het hoegfte goed, eh, die naar het hoogde genot, in dit leeven , flreeft , is 'er best aan; want, als de dood komt, zal de vernietiging van zijn aanzijn denklijk wel volgen.

Hij bekommert zich ook zeer weinig, hoe hij zijn evenmensch behandele ; tegen alles , wat contra zijn eer, gehik, of voordeel drijdt, weet hij zich te . doen gelden , door zijne naaden niet te ontzien, en zo bewerkt hij, dat de balans, altijd, natr zijn belang overflaat: en waarom zoude hij dat niet doen, hij is 'er even naa toe, en mogelijk heeft hij 'er meer recht op, dan een ander; — wordt hij om fchulden aangefproken , die een man van fatzoen, in zijn ftaat, noodzaaklijk maaken moet, ziet hij deze asfurante gasten ter dege onder de oogen , en weet hunne brutaliteit, door hen nog eenige jaaren naar hun geld te doen wachten , wel afteleeren. —

Zijne affaires kan hij onmooglijk zelf waarnemen: — neen; een man, in zijn kring, kan zich met alle bagatella niet bemoeien; — zijne boekhouders en verdere bedienden betaalt hij genereus, als ze wel oppasfen, en deugen ze niet, voor die al weer anderen.

Met

Sluiten