Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

~C 95 )-

Willem.

Ach, Caroline! Ik bid U, ziet Gij niets! — Zoudt Gij vermoeden, dat ik een dweeper, of bedrieger ware...?

Caroline. Ja, mijn Heer , dweeper, bedrieger, trouwloze, . meineedige ... hoe? — durft Gij een gefprek roet Schimmen, Geesten, en wie weet wat niet al meer? voorwenden, dan fpot Gij met alle gezond verftand, en poogt mij te blinddoeken ... en meent Gij dit in ernst, dan zijt Gij een dwaas, met wien ik mij

nimmer meer verkieze intelaten ! Laat dus

dit oogenblik het laatfte zijn, dat wij elkander ontmoeten ! Verlaat mij voor altijd: betreur vrij in

ftilte uwen meineed , en leer uw hart en uw verftand verbeteren! (Zij vertrekt.)

YIII.

Sluiten