Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-C 163 )-

niet minder mogen zijn , dan twee Guldens de» Jaars. Het jaar te rekenen van den iften van Augustus.

Art. II.

De betaaling zal, tegen den ontfangst eener quitantie, gefchieden aan den Heer D. Stoop, als algemeenen Penningmeester, of die, in zijne plaats, in 'c vervolg mogt worden aangefteld; geli k mede aan die Heeren , die zich , in onderfcheiden plaatfen , op qualificatie van Beftuurders , met de inzameling willen belasten: zullende de quita^tien geteekend worden door dengenen , die de betaaling ontvangen heeft, terwijl dezelve met het Cachet van het Departement zullen beftempeld zijn.

Art. III.

Jaarlijks zal eene gedrukte lijst worden afgegeven van de naamen der refpeétive Deelnemers en Deetneraeresfen, agter welke de naamen der Corresponderende Leden, tot de inzameling gemagtigd, zullen geplaatst worden.

Art. IV.

Uit het Fonds , welk thands voorhanden is , en nog verder , zo men vertrouwt , zal aangroeijen , zullen zoo veele Kinders worden onderwezen , als de kas toelaat; eshter zal men 'van ieder Gulden een vijfde gedeelte afzonderen, om daaruit een vast Fonds te maaken.

Art,

Sluiten