Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-C *P5 )-

of eigenbaatige oogmerken te ontdekken; in hetlaatfte ziet hij fpooren, dat men hem in 't verderf wit fiorten , en van zijn' goeden naam berooven. Eeö enkele gelaatstrek, een dubbelzinnig woord, een gefluister, een koud compliment, dat hij verkeerd opneemt, kan hem eensllags buiten zijn humeur brengen. Hij ziddert, wanneer twee perfoonen heimlijk met elkander fpreken , omdat hij gelooft , dat het gefprek noodzaaklijk over hem moet gaan; hij wijkt zorgvuldig de lieden uit den weg, welken hij voor befpieders van zijne zeden aanziet, offchoon zij het ook nooit geweest zijn , en hij geene reden heeft, om zichzelven over zijn zedenlijk gedrag anderszins eenige verwijtingen te maaken; hij verbergt zich voor hun, legt ieder woord op de weegfchaal, ontwijkt hunne vraagen met angtsvalügheid , geeft onbepaalde andwoorden, en, zodra is hij niet uit het gezelfchap gegaan, of het fchijnt hem toe, dat hij zich met nog veel te weinig omzichtigheid gedragen heeft. Hierover heeft hij dan flaaplooze nachten, en verricht nu zijne bezigheden met eene kwijnende onrust. Naardien dit angftig gevoel hem fteeds verzelt, zo is hij ook altijd bereid , om andere Menfchen te waarfchouwen, en hun in den omgang de ftrengfte voorzichtigheid aanteraden. Die hem eens misleid heeft, of van wien hij zich ilechts inbeeldde , dat hij hem had willen opligten , dien.vertrouwt hij, in zijn geheele leeven, nooit weder; bij duizend bewijzen van eerlijkheid en rechtfchapenheid van den ander , kan hij toch den eerften indruk niet wederftasn, offchoon ook zijn belang medebragt, om den

au-

Sluiten