Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

~C 33° )—

Iijke wijzen, Dienstboden trachten te verbeteren; dit is hun plicht.

Door zachtzinnigheid komt men verder, dan door geftrengheid; want hierin gaat men dikwijls te ver.

De oefening dezer grondflellingen heeft zekerlijk veel moeite in zich : maar des niet te min deed ik mijn best, om ze trouw na te komen, vooral daar ik eens het onuitfpreeklijk genoegen gefmaakt heb, mijne eerfte Meid, welker hart verwaarloosd en bedorven was, deugdzaam te maaken, — Ik fludeerde 'er wezenlijk dikwijls op, om een en ander gebrek in haar te verbeteren , en het was een recht vermaak, hieraan te arbeiden. Ik moet 'er U nog iets van zeggen. En dit beflaat in de kunst , om kleene fouten over het hoofd te zien, en daaromtrend de eerzucht der Dienstboden niet te grieven, maar 'er zich van te bedienen.

Als zij , bij voorbeeld, iets niet goed gedaan hadden, finaalde of knorde ik 'er niet over, maar verbeterde het voor haare oogen. Ais zij uit onvoorzichtigheid huisraad braken, fprak ik van geen betaalen, of keef 'er niet over: maar wachtte de eerfte gelegenheid af , waarbij dezelve zich voorzichtiger gedroeg, en alsdan begon ik voor haar de beide gevallen te vergelijken. Eens bragt de Meid een blad vol Porcelein zeer voorzichtig op tafel; „ nu," zeide ik, „ moet ik evenwel bekennen, dat gij vrij wat voorzichtiger, dan gister met dat kopje waart."— Altijd bevond ik mij best bij die kunst, om al prijzende iemand te verbeteren, wetende, dat men met verwijten zelden verbetert.

Ook

Sluiten