Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-( 4=7 )-

te ik ook hun oordeel , en zoo vaak ik hun ver. nuft ontvonkte , voedde ik ook oplettend hun verftand. Omtrend hunne ligchaamlijke krachten, hield ik zorgvuldig dezelfde gelijkmaatige oefening in het oog. Geen vermogen moet den mensch van de Natuur te vergeefsch gefchonken zijn , was mijne beftendige grondregel. Ik leerde hun, hunne leden vlug te gebruiken, en de fterkte hunner fpieren door gezonde oefeningen te bevorderen. Had hunne geboorte hun voor zwaaren arbeid voorbefehikt , ik zou voornaamlijk de laatfte gevoed hebben, of hadden zij , door vlugheid alleen , hunnen kost moeten winnen , dan had deze te vermeerderen mijne hoofdzorg geweest. Nu , tot zulk eene bijzondere kostwinning niet in de wieg gelegd , moest, naar mijn begrip, een gelijkmaatig gebruik van alle hun toegedeelde vermogens, hun de meeste zinlijke genoegens belooven. Inzonderheid waren het echter hunne driften , door mij altijd ais de eenige bronnen van werkzaamheid en geluk befchouwd, welken ik beftendig in de best mogelijke overeentiemming poogde te bewaaren. Nimmer kon ik het mij in het hoofd brengen , dat de deugd zou beftaan in eene geheele onderdrukking, ja, was het mogelijk , vernietiging der driften. Men beeldt meestal de reden af met eenen teugel in haare hand, maar, moest men haar niet veeleer doodlijke wapenen in de vuist geven , om de driften omtebrengen, wanneer zij nooit anders, dan haare vijanden, konden zijn ? In mijn oog , is de reden de voerman, die ons moet overbrengen in het gelukkig land!

Ff 3 van

Sluiten