Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 494 )

Hij is geen Pedant in ziine kleeding, die zich ten regel voorfchrijft, nocit flordig, havenloos, en ongefchikt 'er uic te zien, maar zich altijd wel gekleed te houden, al is hij ook alleen te huis, en al wacht hij geen bezoek: maar wel diegeen , die zich inbeeldt, volftrekt niet uit te kunnen gaan, zonder fchoone witte zijde kouzen aan te hebben , en die, al hing'er het geluk , de eer, het leeven van een mensch aan , niet op ftraat zou komen, voor dat zijne fcboenen gefmeerd, en zijn hair gekapt waren.

Een Pedant in gröndftcllingen zal ik hem nooit noemen, die, ais hij ééns, op goede gronden , voorgenomen heeft, nimmer boeken uitteleenen, hierbij, zelfs jegens zijne beste vrienden , volhardt; bewust, dat zichzelven gelijk te blijven , in alle opzichten, verdienstlijk is, en dat kleene uitzonderingen meestentijds groote uitzonderingen ten gevolge hebben: maar met recht geeft men hem dien naam , die, al wordt hij overtuigd, dat hij tot nogtoe naar ver* keerde begrippen gehandeld , en een dwaalend of gevaarlijk ftclzel ftaande gehouden heeft, nogthands zich verplicht houdt, bij zijn oud gevoelen te blijven. Dikwijls is het zoo zeer geene eigenziunignigheid of vooroordeel, welke den mensch zoo vast aan het oude hecht ,. als wel de onbegrijplijke macht der gewoonte , en inzonderheid de flaavernij van een kleenen en bekrompen geest , die zich van de boeien van eene , eens verkeerd aangenomen , denk- of handelwijze niet kan ontflaan , of wel onwetendheid in alle andere vakken, als wanneer zich

zulk

Sluiten