Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-C 540 )—

maaier van redeneren: het wordt tijd, dat men be» ginne te deuken, dat 'er in eene goede regeering meer andere voorwerpen te betrachten zijn, dan het doen van winst. Wij zijn geene Wetgevers voor andere Natiën, maar laat ons een goed en billijk voorbeeld Hellen ; laten wij de eerften zijn , die rechtvaardig handelen, en men behoeft niet te twijfelen, of wij zullen welhaast naarvolgers hebben. — Even valsch en wanftaltig is de (telling, dat de verfchillende' Natiën van Afrika, waaronder deze beklaaglijke koophandel gedreven wordt , geen verftand genoeg hebben tot medelijden met hunne medefchepzelen, en dat zij tot onderwerping geboren zijn. — Wat verwaandheid en Godlastering is het, te ftellen, dat de Voorzienigheid in andere landen geene menfchen zoude gefchapen hebben, met dezelfde inenschlijke aandoeningen! Laten zij, die dit ftellen, het oog (laan op de woorden van onzen Zatigmaaker. Laten zij met een diepen indruk overwegen ééne der luisterrijkfte ieerftellingen van den Christlijken Godsdienst: eene leerftelling , welke mooglijk, meer dan anderen, gediend heeft, om de onvergelijklijke fchoonheid en voortreflijkheid van den beminnelijkften aller Godsdienften in het helderst daglicht te' plaatzen; eene leerftelling, waarvoor de flaavernij heeft moeten vluchten en waaraan moet worden toegefchreven, dat, kort na de uitbreiding van het Christendom , in Europa de flaavernij is vernietigd geworden. Die leerftelling, dat hoog en laag, dat rijk en arm, in het oog van God gelijk zijn, moet flechts in onze harten indruk maaken, om het woord van Slaaf

ge-

Sluiten