Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VI.

A L M A N Z I R,

(Eene zedenlijke vertelling.)

Driemaal had de flarcg, het zinnebeeld der Eeuwen, na Ma ho meth's vlucht, haaren ftaart met haare tanden gevat, wanneer Almanzir in de vruchtbaare velden van de Andalufiefche Stad Cordu leefde. Aldaar weidde hij zijne wollige kudde , en kende geen ander geluk, dan het eenvouwig genoegen van het gulle land. Het erfdeel van zijnen Vader was maar gering geweest. Eéne fluit en ééne hut, ziet daar de ganfche nalatenfehap. „ Blijf flechts, waar gij zijt, en gij zult niet ongelukkig wezen. Maak U zeiven geene nieuwe behoeften, en tracht nimmer naar vreemd vermaak. Luister nooit naar de tovcrltemvne der verlokkende Stad , maar blijf op het land en zijt 'er gelukkig!" Dus fprak zijn Vader op zijn fterfbed, en floot zijne oogen voor eeuwig, met eenen dankbaaren glimlag voor zijne verzadiging van het goede der aarde. Doch Almanzir

ver-

Sluiten