Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mevrouw!

In vertrouwen, dat mij dit door de Heeren Schrijveren van de Bijdragen tot het Menfèhelijk Geluk met kwalijk genomen zal worden , draag ik mijne verdere aanmerkingen aan U zelve op. Ik hoop, da* zij den naam van bedillingen, en nog minder'dien van impolitesfe of brutaalheid zullen verdienen. Was ik niet ongelukkig genoeg geweest, van aan TJ dus toegefchenen te hebben, ik zou mij nimmer daarvan hebben kunnen verdenken. Thands echter zal ik dubbele oplettendheid trachten te gebruiken, om mij van dat euvel onbefmet te houden.

Ik kan zeker niet voorbij , eer ik voordga, U eenig andwoord te geven op uwen brief; maar, ik zal trachten op het oog te houden den titel van het Maandwerk, waarin mijn oogmerk is, dezen brief, zo hij des niét onwaardig gekeurd wordt, geplaatst te zien. Ik ga derhalven alle die uitdrukkingen in uwen brief voorbij, welke ik niet twijfele, of hebben uwe eigene goedkeuring niet weggedragen; 't z„ mij alleen vergund, te mogen Zeggen, dat het m.j fp.jt, eenige woorden en perioden nedergefchreven te hebben , welke beleedigend zijn , fchoon het meer aan de drift , en den haast , waarin ik toen fchrijven moest, dan aan 't verkiezen van laagt middelen , of indecente onbefchiftheid te wijten zij. Van dezen (tempel zijn de pasfages, hieronder aan' gehaald (*> Voor dezen verzoek ik nederig vergif-

Sluiten