Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-( 3i )-

ferm; en dit verzoek ik zoo oprecht, als ik wensen, dat niemand , uit deze trekken van zwakheid, tot de verkeerdheid der verdeedigde Zaak geredeneerd zal hebben. Indedaad , ik vrees, dat dit wel zooveel toegebragt zal hebben, ter wederlegging mijns briefs, als uwe aanmerkingen. Vergeef mij , Mevrouw , zo ik hier, of niet polit, of niet zuiver oordeele; en vergun mij , hieromtrend , U, benevens den lezer der Bijdragen , dit volgende te mogen voordellen.

Wanneer Gij dit aandringt, dat uwe aanmerkingen niet allen , maar de meeften betroffen, zou ik kunnen repliceeren, dat ook mijne verdeedigir.g nier zoo volflrekt op allen past, alsof hier geene uitzondering op ware. Ik begreep, dat Gij van de Gouvernantes in het gemeen, over het groote gros, fpraakt, en even zo deed ik ; — dewijl Gij befloot: ,, de mee/ten deugen niet, de minften (en dat ver de min' Üen) zijn goed"; hiertegen trachtte ik te betvijzen, dat de minjien kwaad , de mtejlen goed warenEn dit deed ik vooral hierom, omdat uit uwen voorigeti brief voedzel kon genomen worden voor een vooroordeel, dat hier te land vrij algemeen is , niet Hechts onder het gemeen , maar ook in befchaafder ftanden, dat al wat Ftansch is, kwaad is , juist daarom, wijl het Fransch is; een vooroordeel, dat mij voorkomt veel van het waare menfehengeluk te vernietigen. —

Hetgeen Gij wat verder aanmerkt, dat aan Mevr. nwe Dochter iets niet behoefde bewezen te worden, hetgeen haar Ed. wist, is in zoover gegrond; maar,

neem

Sluiten