Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C IP8 )-

Welke partij heeft nu toch gelijk? Zullen wij aïles, wat aan een Mensch fchoon genaamd wordt, gering achten? Of zullen wij het met hun houden, die de fchoonheid bij zichzelven en anderen waardeeren en wenfchen?

Het komt ons voor, dat een fchoon Mensch te zijn, en een fchoon Mensch te zien, een waar genoegen verfchaft : een genoegen, dat even zoo onfchuldig is, als de Schepper , die de oorfprong aiIer fchoonheid is.

Dan, indedaad, het komt ook hier , zoowel als bij alle tegen elkander overgeftelde begrippen wegens menfchelijke genoegens, vooral daarop aan, dat men het Waare van het bedrieglijke , het wezenlijke van het toevallige afzondere , en daaruit, vervolgends, regels afleide , die het verftandige genot der fchoonheid aanwijzen, en ons tegen dwaasheid desaangaande beveiligen.

Om over dat , wat men menfchelijke fchoonheid noemt , wel te oordeelen , zullen wij :

Eerftelijk , over de waare en valfche fchoonheid van den Mensch,

Vervolgend%, over die fchoonheid fpreken , welke men aan züne kleeding en wooning tracht bijtezetten.

Schoon noemt men elk Iigchaam, dat, doorzijn voorkomen , welgevallen en toegenegenheid verwekt. —.

Als wij deze bepaaling wel in 't oog houden , zullen wij in ftaat zijn, de wezenlijke fchoonheid des menfchelijken ligchaams van de toevallige naauwkeurig te onderfcheiden, en daarbij volkomen overtuigd worden , dat fchoonheid een goed is , welk

bij-

Sluiten