Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

•C 233 )-

origineel , de vertaaling was van een Hoogduitsclï ftuk van dien naam. Dit was zeker zoo niet gemeend , en 't bleek genoegzaam , dat de Heer Spondêos hiermede vrij wat bedremmeld was, en gaf gelegenheid, dat wij, voor dien avond, vrij kwamen , met langer te moeten toeluisteren. — Mo rus is nooit weder ten voorfchijn gekomen.

Wat dunkt U , mijne Heeren, heb ik geen reden, om U te verzoeken, die Wezens eens toetefpreken, op hoop , dat , hunne lastige manier van handelen ten toon gefield wordende , zij zich zullen beteten ?

Als het U behaagt, dit veld inteftappen, zult Gij het vrij ruim en uitgeftrckt vinden, en U geheetenal niet 'aan de charakterfchets van mijnen vriend SroNDëus behoeven te verbinden; want deze heeft tiog indedaad wezenlijke verdienden , welken niemand hem betwisten kan: maar hoeveelen dier Schepzelen, welken de rijmziekte overvalt, waanen zich, in hunne onkunde, Dichters van belang te zijn, en handelen even zoo, als de wezenlijk kundige SroNoëtis? — Die fnaakjes hebben het wel in hunne magt niet, emUzeo eeuwigduurend te verveelen, omdat zij, flechts nu en dan, van die dolle aanvechtingen tot rijmen overvallen worden, maar het is ook nog duizendmaal lastiger, daarnaar te moeten luiscerên, dan naar een weldoorwrocht werk van den Heer SpoNnèus. — Ik ken 'er onder die rijmelaartjes , die al vrij ondraaglijk zijn, die min of' meer taalkunde verftaan, en Kluit zoowel, als Gutiiof , van buiten kunnen opzeggen, dezen

heb

Sluiten