Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-( 2-8 )-

tr.ar ftond eene zoort van güeridön met eene groote brandende Lamp , en op de Pagode brandden twee waskanrfen.

Wanneer de voorhang voor de zweevende Pagode weggenomen was, ftond de Braman , met zijn gezicht naar de Beelden gekeerd, voor het Altaar; nam een handklok , gelijk de Lamen of Afgods-Priefters der Calmukken gebruiken, in de Linkerhand, en inde Rechter een klein fraai wierookvat, terwijl hij op den eenen voet, en op de teenen van den anderen rustede. Hij was alleen in een boomwollen wit onderkleed, en hief een zagt regelmaatig gezang aan. Agter en naast hem ftonden twee gemetne Indiaanen , waarvan de een, aan de Linkerhand ftaande , door middel van een koord, twee opge'.iangen kleene klokjes luidde, terwijl teffens de Braman zelf met zijne Priefterklok bengelde. Geduurende het gezang, verzamelde zich de gemeente, met de mutfen op het hoofd, maar blootsvoets, gelijk de Braman zelf en zijne bijltanders waren. Een ieder, die inkwam, wierp zich, bij den regtervoet van den Braman , op zijn aangezicht, raakende den voet van den Braman met zijn voorhoofd , of met zijne hand aan , op deze wijze zichzelf zegenende , waaru3 hij eerbiedig met zamengevouwde vingers opftond, e» met de geheele gemeente alle de woorden des gezangs , met plegtigen eerbied , nazong. Geduurende hetzelve zette de Braman het wierookvat op het tafeltje , en hield , in plaats van dat, een werktuig in de hand , dat een fierlijke handblaker geleek, met een verheven en verdiept groef-

jen

Sluiten