is toegevoegd aan je favorieten.

Merval, of De menschenvriend. Toneelspel

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MENSCHENVRIEND. 89

ontdekken. — Toen ik hier op mijne plaets kwam, en er eenigen tijd had doorgebragt, zag ik een meisjen, een meisjen, Mercourt! als een Engel. Mijn oog vestigde zich op de haeren, en terftond keerde zich deze glinfterende bollen van mij af — ik kende haer niet — maer naer eenigen tijd, befpiedde ik haer, daar zij een grijsaert, die van vermoeidheid ter aerde uitgeftrekt lag, en fnakte naer een dronk waters, uit eene flesch drenkte, hem eenige fpijzen uit haer mandjen toediende , en eindelijk, één ftuiver — al het geld dat zij bezat, aen den man gaf, en, zijne handknsfchende, tocfprak, „ vaerwel! ongelukkige oude man! nu kan ik u niet „ meer geeven, " en zoo huppelde zij voord.

mercourt.

ó Merval! dat is juist eene fchets van mijne Sophia, — ook zóó een hart had mijne dochter, — en ik heb die dcohter niet meer!

' m e r v a L.

Hoor verder! Ik ftond als van den donder getroffen — den Hemel fmeekende, dat ik dit meisjen eens als mijne Gade mogt omhelzen: 'k deed onderzoek wie zij ware; weldra onderrichtte men mij, dat zij de dochter was van een man, wiens omftandigheden zeer bekrompen waren: ik wilde hem onderfteunen, maer men raedde mij dit af, wijl hij leeven kon, en het voor eene verongelijking zoude houden — dan, boven F 5 dit