Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-C IP5 )-

van den nabijliggenden heuvel verfierde , of in het Haagdoorn - boschje, onder welks fchaduw ik mij nedervleide , en 't welk voor den genoeglijken ouderdom en de gevoelige jeugd , voor de, met elkander over de liefde fluifterende, jeugd geplant was!

Hoe menigwerf heb ik den aanbrekenden dag gezegend , waarop de Landlieden, van hunnen arbeid rustende, zich aan de fchuldelooze vermaaken toewijdden, en alle Dorpelingen, onder den fchaduwrijken boom, zich onderling verlustigden: — den dag, waarop zommigen , voor tijdverdrijf, in eenen ronden kring, onder het lommer huppelden; de jonge lieden met elkander worftelden , en de ouden van dagen dit fchouwfpel met genoegen aanzagen: — den dag , waarop anderen, volvrolijk, op den platten grond, fprongen en dartelden, konst-

fhikken verrichtten, en hunne fterkte beproefden :

den dag , waarop de lustige fpefen — fchoon anders alle dikwijls herhaalde geneugten rasch verveelen — de blijde menigte verrukten; — waarop het danfend paar naar den eerprijs ftreefde, en niet eerder uitfcheidde, voor dat de een of ander van vermoeidheid nederviel: — waarop den jeugdigen Landman , geen kwaad vermoedende , de gulle blijdfehap en weltevredenheid uit de oogen firaalde, en zijn aangezicht van genoegen gloeide : — waarop het zedig Meisje haaren geliefden van ter zijde toelonkte , en hiervoor eenen bellraffenden wenk van haare oude Moeder ontving ! — Zie daar uwe bekoorlijkheden, dierbaarDorp! Zulke geneugten maakten , door heure aangenaame afwisfeling , zelfs den . N s k.

Sluiten