Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I E

WAARNEMINGEN en REGELS

0MTREND DE

MENSCHEN-KENNIS.

(Vervolg en Slot van D. II. bladz. 18.)

lVlenig een is koelbloedig genoeg, om zeer ernftig te bepeinzen, op welke wijze hij zijn andwoord aan iemand, op wien hij misnoegd is, het fcherpst zal maaken, en dit gevonden hebbende, is hij ongemeen verheugd. Anderen zeggen, in zulk een geval , iemand veele onaangenaamheden , of veroorzaaken hem veel kommer, met een gansch onverfchillig gelaat, of met eene houding van eenvoudigheid. Anderen, eindelijk, bevinden zich nimmer in de noodzaaklijkheid, van zulks te doen, of hun eigen hart heeft 'er gevoel van , en wordt daarbij zelf gefchokt. De laatfte alleen toont, dat hij een mensch is. De twee eerstgenoemden zijn duivels in menfchelijke gedaante.

§• 33-

1. 34-

Sluiten