Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

H 63>

En zij eindigt haar doorwrocht dichtftuk met deze? treffende woorden:

Vaarwel, doorluchtige asch, die thands mijn oog ontduikt! Uw fchim verbeidt mijn fchim, grootmoedige Alexander! Vaarwel! Na weinig tijds ontmoeten wij elkander:

Gelukkigst,die dan't minst zijn' grootheid heeft misbruikt!"

Hoe fterk valt het in 't oog, dat de fchrandere Dichteres, in de twee laatfte regels, een' Augustus aan de onflerflijkheid doet gedenken, bij al den luister, waarmede de tombe van A le x a n d e r verfierd was? — Een ander voorbeeld, uit Juffr. van Merken, valt mij in, uit haaren de Rijk: wie las oit iet fchooner, dan de charakters, welken zij, in dat tooneelftuk, aan Mondragon en de Rijk geeft? Dat van M o n d r a g o n is de juist getroffen teekening eens waarlijk eerlijken Mans en van eenen doorluchtigenheld: dat van de Rijk is de volle omtrek van een vrijgebooren hart; van een Man, die zijne eigen waarde gevoelt, die in het woên der rampen altijd grooti altijd Nederlander blijft: en hoe doordringt het eene Bataaffche ziel, als wij hem, op den kruin des fchavots, met de fierheid eens helds, tegen zijneu vijand hooren zeggen:

„ Al bood mij Koning Piilips de helft van all' zijn* Sta.iten, li; zou mijn Vaderland niet om zijn gunst verlaaten."

en nog meer treft het, als wij zijnen vijand — zijnen doorluchtigen vijand — tot de Rijk, dien hij omhelst, hooren zeggen:

„ Grootmoedige de Rijk.! gij zijt een' Scepter waard!"

Hoe

Sluiten