Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VI.

BEDENKINGEN

bij gelegenheid

der zwaare MIST,

Welke, op den ziften van December 1790, in zommige Steden heeft plaats gehad , en over de beste behoedmiddelen tegen de daarbij gemeenlijk voorvallende onheilen in het vervolg.

Mijne Heeren,

Ik ben een ond Man, en altijd zeer oplettende op hetgeen 'er zoo al dagelijks voorvalt , 't welk Gij zekerlijk mij niet kwalijk nemen zult, dewijl dit aan Oude Lieden doorgaands eigen is. Mij heugt reeds van zoveele dingen, dat ik, als mij de Menfchen, eigenlijk gezegd, eens wat nieuws vertellen zullen, doorgaands zegge: „ ho! ho! dat heeft Vader JAkob al zo dikwijls beleefd!" — Nü evenwel, f»»et ik zeggen, daar ik maar op komen wilde \

dat

Sluiten