Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-C « )-

fterven , kon flechts elke druppel bloeds eene penning worden, om den ongelukkigen weder te geven , *t geen ik hem ontnomen hebbe," — Maar, onder de veroordeelden , zag ik ook dikwijls diermenfchen, die zoo vervreemd waren van alle befchaaving en menfchelijk gevoel, dat zij, zonder eenige verftandige denkbeelden, geheel diersch en zinlijk waren: menfchen, die, met de diepfte domheid en onkunde, boosheid en verftoktheid paarden; en dezen waren, gelijk ik reeds zeide, de bijzondere voorwerpen mijner hier geplaatfte gedachten.

Selt nu , dat een Geestlijke bij eenen ten dood veroordeelden , die het losbandigst , verwilderdsc mensch was., geroepen wordt, wat moet hij alsdan doen? — Zekerlijk is zijn oogmerk, hem te bekeeren; maar, zal zulks met vrucht gefchieden, dan moet hij zichzelven op de volgende vraagen voldoende kunnen andwoorden. Wat is bekeeren ? Hoe is het voorwerp gefteld, welk bekeerd moet worden? Welke middelen zijn hiertoe voor dat voorwerp het dienftigst? en welke is de beste wijze, om die middelen bij hetzelve voortedragen ?

Bekeeren is, eenen mensch tot het bezef brengen van den ellendigen ftaat zijner ziele; zijn boozen wil voor het toekomende verbeteren; en hem op het voorleiene met berouw terug te doen zien.

Om dus zulk een rncnsch te bekeeren, moet men hem andere denkbeelden eigen maaken, als hij tot nog toe had: men moet hem dus onderwijzen. Maar tot onderwij» wordt vereischt, dat hij mij verftaa,

dat

Sluiten