is toegevoegd aan je favorieten.

Verzameling van placaaten, proclamatien, notificatien, enz. door [...] het Uitvoerend bewind des Bataafschen volks en het Departementaal bestuur van de Eems, beginnende den 30 maart 1799, en eindigende den 26 junij 1800.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 438 )

lijde met de Grondbeginfelen dezer Proclamatie overëenftemmende, aan de andere zijde het belang en de veiligheid van den Staat in het oog houden, d:e, zonder de onderdrukking en de geftrenge ftraf van alle eigentlijk gezegde te zatnenzweerders, en hunne nog meer fchuldige hoofden, zoude verloren gaan, vastelijk vertrouwen, dat deze daad, uit des • zelfs waar oogpunt, dat is het bevorderen der verëeniging van alle onze Mede-burgeren rondsom de Staatsregeling, zal worden befchouwd, en dat wij dus tevens vastelijk gezind zijn, kragtdaadig te werken tot handhaaving van de Conftitutioneele orde van zaaken, en van alle Wetten tegen woelingen en aanllagen, op de veiligheid van den Staat, geëmaneerd, en inzonderheid de Publicatien van het Intermediair Uitvoerend Bewind, van den 19 Julij, en van het Conftitutioneel Uitvoerend Bewind, van den 1 November, mitsgaders deszeïfs Proclamatien van 15 October en 23 November dezes jaars, zijnde het onze expresfe wil en begeerte, dat alle welke zich, onder welke voorwendzels ook, na den 31 Julij, den dag welke althands het einde van alle Faétien had behooren te zijn, aan eenige misdrijven of excesfen mogten hebben fchuldig gemaakt, overeenkomftig de bepaaling der Wetten, zullen worden behandeld.

Eindelijk ten zevenden: ten einde efficaciueslijk te zorgen, "dat de tegenwoordige orde van zaaken niet kunne worden ondermijnd, en om aan verderflijke Volksverleiders de gelegenheid te ontneem en, om ons Vaderland in nieuwe rampen te Horten, door ons op alle moogelijke wijze zal worden gewaakt, dat door het arresteeren deezer Amnestie, geenzins worde gederogeerd, aan de bepaling bij de Staatsregeling, mitsgaders bij het Reglement Letter B. agter dezelve gevoegd, omtrent de vereischtens der Leden van het Vertegenwoordigend Lichaam, en het niet admitteeren van alle openbaare Aanhangers van het Stadhouderlijk en Fcedera-

tief