is toegevoegd aan je favorieten.

Verklaaring over het Nieuwe Testament.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

178

Verklaaring over Lukas

wy in onzen text vinden, onbegaanbaar zyn. Men kan deeze tweeërleie verklaaringen, op de volgende wyze, over één brengen. Het geen ik u, wanneer wy alleen by elkandercn zyn, leere, en van het welk gy, naa dat gy her. van my gehoord hebt, met eikanderen in hec geheim fpreekt, zult gy, in het vervolg, wanneer ik u tot myne Apoftelen zal hebben aangefteld, in de geheele waereld verkondigen, en aan alle^Menfehcn prediken. Wy zien hier uit, dat Christus, wanneer hy zvnc twaalf Jongeren alleen by zich hadt, dezelve naarftig onderwees, en hun de heilige leerftukken voorftclde en inprentte, die zy, naa zyne Hemelvaart, in de geheele waereld, onder Jooden en Heidenen, moeften verkon digen, om door dezelve hun den Hemel te openen. En teffens blykt 'er uit, dat de Jongeren deeze onderrichtingen by zich zelve geduurig herdacht, en over dezelven met eikanderen gefproken hebben.

vers 13. Toen fprak iemand van bet volk tot bem. Deeze Man moet, zoo wel als zyn Broeder, een geloovig Toehoorer van Jesus geweeft zyn, en hem voor eenen Godtlyken Leeraar gehouden hebben. Immers hy vertrouwde niet alleenlyk, dat Christus een vonnis zoude vellen, hetwelk ten uiterften rechtvaerdig was; maar hy vooronderftelde ook, dat zyn Broeder zich zeiven verplicht zoude achten, om zich aan zyne uitfpraak te onderwerpen. Hec één en ar.der kan 'men by geenen ongcloovigen , en pharifeeuwfch gezinden, Jood verwachten.

vers 14. Wie beeft my tot Rechter of Scheidsman over u gefield? Gy weet wel, wil Christus zeggen, dat ik niet aangefteld ben, om verfchillcn over erf-zaaken by te leggen. Ondertuffchen hy wyft hem ook niet tot dien Rechter, ("wiens werk dit eigenlyk was) maar geeft te kennen, dat deeze Broeders, indien zy beiden niet gierig waren, het over het deelen deezcr erinifle wel fpoedig ééns zouden worden. De gierigheid is een middel, om, zelfs onder Broederen, liefde en vriendfehap te doen ophouden. Maar een Broeder, die Chriftlyk gezindis, zal liever, gelyk Paulus betuigt, 1 Cor. VI: 7.

van