is toegevoegd aan je favorieten.

Jaargetyden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

192 D E H E R F S T.

„ ieder' trek, in ieder' opfiag, alleen met „ uitmuntender bevalligheid. Gy , fchoo,, ner dan de Lente, eenige overleevende „ bloesfem van den wortel die myn geluk S) kweekte, zeg, ach! waar, in welke afge5, legene wocstcny, hebt gy hetbekoorlykfte gelaat van den vergenoegden hemel aangenomen, in zulke fchoonheid ver,, fpreid en zo heeriyk gebloeid, fehoon „ de koude wind cn vernielende regen der „ armoede zo Streng en hevig op uwe te„ dere jaaren aanvielen? 6 Vergun my, „ dat ik u in een' rykcr grond veilig mo„ ge overplanten, daar de lentezonnen cn „ milde buijen haaren warmften cn uitgc„ ftrektftcn invloed verfpreiden. Wees gy de roem en het Sieraad van mynen „ lusthof. Het voegt, ö het voegt zo „ kwaiyk aan de Dochter van dien acas„ to, wiens opene fchatten, hoe groot ook, veel te klein waren voor zyn nog „ grootcr ziel, de Vader van een geheel „ landSchap, dus het wegwerpSel van decze herSstvcldcn op te leezen, van dceze velden, die ik door zyn weldaadige vriendfehap alleen bezit. Werp dau

„ dat