is toegevoegd aan je favorieten.

Jaargetyden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

194 D E HERFST.

vreugd bezit van haare uitgedroogde aderen , en deedt een helder licht van gezond leven in haare avonduuren fchynen. Zy was niet minder overltelpt van blydfchap , dan het gelukkig paar, 't welk lang in de liefderykfte welvaart bloeide, en een talryk kroost aankweekte , beminnelyk en goed gelyk zy-zeiven, de ficraad van het gantfche land.

Het zoele zuiden, dat niet zelden den arbeid van het gantfche jaar verydclt, pakt een' geweldigen ftormbui famen. Eerst fchynen de boschjes naauwlyks hunne beevende toppen te roeren, en een ftil geruisen rolt over de zachtbuigende korenvelden; maar als de luchtftorm aangroeit, en de gantfche hemel in een' magtigen-, onzichtbaaren , onbeperkten ftroom over de kraakende waereld uitbarst, dan fchudt het bukkende woud , tot zynen wortel getroffen, eene klaterende bui van ontydige bladeren af. De omringende bergen , op hunne kruinen gegecsfcld , vangen den verfpreiden orkaan uit de barre woestenyen op, en zenden hem" in een' afftortenden windvloed naar de vallei beneden:

dee-