is toegevoegd aan je favorieten.

De vraag naar het zijn in de eerste eeuwen der scholastiek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MEDEDEELINGEN DER KONINKLIJKE AKADEMIE VAN WETENSCHAPPEN TE AMSTERDAM, AFDEELING LETTERKUNDE

RUBRIEK A: LETTEREN, WIJSBEGEERTE, GODGELEERDHEID

DEEL 63 (1927)

N". 1. D. C. HESSELING, La plus ancienne rédaction du poème épique sur

Digénis Akritas / 0.50

„ 2. TJ. DE BOER, Maimonidts en Spinoza 0.50

„ 3. A. W. M. ODÉ, Reflexe von „tabu" und „noa" in dtn indogermani-

schen Sprachen 0.50

„ 4. D. PLOOY, Traces of Syriac Origin of the Old-Latin Diatessaron . . „ 0.50

„ 5. W. DE VRIES, Is uu voor oe Holland in- en uitgevoerd? „ 0.60

„ 6. C. C. UHLENBECK, Baskisch elkar 0.30

„ 7. A. KLUYVER, Over de woorden kabeljauw en bakeljauw 0.50

„ 8. H. VON ARNIM, Platons Dialog „Thrasymachos" „ 0.50

„ 9. C. C. UHLENBECK, Algonkisch-klinkende woorden in het H'iyot . . . „ 0.50

„ 10. A. G. VAN HAMEL, Een Iersch kettingsprookje 0.40

„ 11. F. MULLER Jzn., „Augustus" 0.60

12. R. VAN DER MEULEN, De naam van den Mammouth 0.50

DEEL 65 (1928)

N°. 1. N. VAN WIJK, Die Cechisch-polnischen Uebergangsdialekte und die altern

¥

Beziehungen des polnischen Sprachgebietes zum Cechisch-Slovakischen f 0.50 „ 2. A. W. DE GROOT, Instrumental Phonetics. lts value Jor linguists . „ 0.60

3. W. DE VRIES, lntervocaliese ii in het Gronings. De ui van „stuiten" „ 0.60 „ 4. D. C. HESSELING, Een eigenaardig gebruik van het futurum in het

Nieuwe Testament (Ev. Matth. 27, 4 en 24; Handelingen IS, 15) . „ 0.40

5. C. G. N. DE VOOYS, Apostelspelen in de Rederijkerstijd 0.60

6. D. C. HESSELING, Het Perfectum in het postklassieke Grieks; over¬

blijfsels in de taal van heden 0.60

7. W. CALAND, On the sacred books of the Vaikhanasas 0.50

„ 8. N. VAN WIJK, Cechies-Slovaaks-Cechoslovaaks 0.50