Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE ICONOGRAPHIE VAN DEN DUBBELEN LOGOS

DOOR L. H. GRONDIJS

II. DE SOPHIA-LOGOS IN KETTERIJEN EN MONNIKVROOMHEID. J)

De idee der Sophia is eene orthodoxe gedachte, zij is onderscheiden van den Logos (de orthodoxe gedachte bij uitstek), doch elke interpretatie harer verhouding tot den Logos brengt onmiddellijk het gevaar mede van tegenstrijdigheid met een artikel des geloofs. In de eerste eeuwen zijn de vermaarde Wijaheidsspreuken 2) onophoudelijk door Apologeten en Vaderen aangehaald, na de vierde eeuw heeft een bijna algemeen stilzwijgen geheerscht over de plaats der Sophia in het goddelijk wezen.

Met Photinos' veroordeeling heeft de wijsgeerige ketterij van den „dubbelen Logos" in de Kerk afgedaan, geen der groote Klein-Aziatische ketters heeft haar meer durven bepleiten, en de Christologische discussie's op de synodes zullen voortaan enkel betrekking hebben op Christus' menschelijke natuur. De officieele theologie vermijdt alle geschilpunten in het vraagstuk van den Logos. Zij gaat meer en meer homiletisch denken, d.i. populair, zij zoekt naar eene welsprekendheid, die de religieuze gevoeligheid in gisting houdt, zonder oude, gevaarlijke problemen op te wekken, en zij spreekt zich uit in sterke, bondige, aangrijpende, maar vaak grove en onjuiste uitdrukkingen.

*) Zie „De iconographie van den dubbelen Logos". I. De 15e Strophe der Akathistische Hymne. (Meded. der K. Ak. v. Wetenschappen, afd. Letterkunde, deel 78, N°. 6.)

2) Sap. Sal. IX, 4; VII, 22-30; Jesus Sirach 24; 42, 21. Baruch 3, 32 etc.

183

Sluiten