Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedachte in uitmaakt, en dat zonder haar eene Christelijke theologie niet eens denkbaar zou zijn. Hoe dit zij, het staat vast, dat van eene opkomst dezer leer, die door vele Russische prelaten *) als nieuwigheid en ketterij wordt aangezien, geen sprake zou hebben kunnen zijn, zoolang Kief simpel het 70e metropolitanaat was in het Byzantijnsche patriarchaat, en zoolang de Russische metropolieten Grieken waren uit Constantinopel, die van de Russische kerk eene getrouwe copie maakten van het oecumenische patriarchaat, d.i. vóór den val der hoofdstad, en voor de autonomie van het „derde Rome".

In het algemeen genomen, was er terstond na de invoering der Grieksche orthodoxie in Rusland, van beneden af, uit massa en kloostergeestelijkheid, eene neiging opgekomen om zich niet slaafs aan het Byzantijnsche voorbeeld te houden. Vooral van Noordelijker eparchaten (Novgorod) en van de kleine maar machtige monniksrepubliek (het Holenklooster) in Kief uit, waren in Rusland, onder den drang van Russische prelaten uit de „zwarte geestelijkheid" sterk nationalistische eerzuchten wakker geworden, en hieraan heeft het Christendom in Rusland van den aanvang af een zoo bijzonder cachet te danken.

Wel is bv. de Bogomilenbeweging, die reeds in de 11e eeuw in de Russische massa's binnendrong, en die zich zoo nauw aan het volkskarakter aangepast heeft, van boven af bestreden. Het strijdschrift tegen de nieuwe dualistische armoedeleer, door den Bulgaarschen priester Kosma is door Kief onder de geestelijken verspreid, maar dit feit, evenals talrijke berichten in geschriften2) uit dien tijd bewijzen voor de vroegere Middeleeuwen het bestaan van geheime secten (Chlysty, Strigolniky etc.) die sinds dien dan ook nooit meer verdwenen zijn. De Russische kerk heeft hun leer niet enkel vervolgd, maar hier en daar ook benut. Vanuit Bulgarije waren reeds vroeg levensopvattingen en gebruiken van niet-orthodoxen oorsprong,

*) O.a. den vermaarden Metropoliet Antonius, voorheen Metropoliet van „Kief en Galicië".

2) Zie: «Hmapetï., HCTOPia pyccKofi depkbh I, § 17; II § 15.

239

Sluiten