Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het eerst in het eparchaat van Novgorod, dan ook elders, opgekomen en ingehaald; ik spreek o.a. van de „dwaasheid om Christi wille", (joerodstwo) die zich vanuit den Balkan, in eene geestdriftige en aanstekelijke beweging, over gansch Europa verbreid heeft, en waarvan, als eerste geijkte voorbeeld, in Rusland het leven van Prokopius van Oestjoeg (13e eeuw) in kronieken wordt vermeld.

Naast het eigenlijke depositum fidei, zeer beperkt in omvang, bezat Byzantium een grooten rijkdom van theologoemena in de, niet altijd voor de massa bestemde verhandelingen der kerkvaders, in liturgische hymnen en in een uitbundige, vaak wat wilde, monnikslitteratuur. Het zijn deze officieele geheimleeren van het Oostersch Christendom, die in de Bogomilenleer, zonder terughouding en geleerdheidsvertoon, in helderen stijl, met brutale openhartigheid, vermengd met ontoelaatbare dwalingen, maar in een vlammende scenerie van grootsche verbeeldingen, zijn neergeschreven.

Het is niet onmogelijk, dat de beroemde Sophia-ikoon van de Sophia-kathedraal in Novgorod, kettersch van oorsprong, orthodox door recht van adoptie, aan Bogomilen-inspiratiën te danken is.

Interpretatie Sophia-Maagd.

Er is geen document van vóór het midden der 16e eeuw bekend, dat van deze Sophia-ikoon spreekt; het is echter waarschijnlijk, dat zij toen reeds een groote reputatie bezat, immers het gebruik bestond, dat elke Tsaar bij zijne troonsbestijging er een copie van, als bijzonderen zegen, uit de handen van den aartsbisschop van Novgorod ontving1).

In een stuk, dat op het Stoglav-concilie (?) is ingediend, en den datum 1554 draagt, wordt de ouderdom der ikoon teruggebracht tot vóór de stichting der Sophia-kathedraal: „Nadat de vrome en orthodoxe Groothertog Wladimir in Korsoen

1) H. KOHJAKOBl, JHUKBOH HKOHOÜHCHHH nOflJIHHBHin. T. I. SU. 75.

240

Sluiten