Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tot een paar grondvormen kunnen worden teruggebracht. Als ik mij niet vergis, is zelfs volgens de laatste onderzoekingen gebleken, dat naar alle ^ waarschijnlijkheid de verschillende delfstoffen in den loop der eeuwen zich uit één oerstof hebben ontwikkeld.

Het bekende spreekwoord, dat de kunst lang maar het leven kort is, wijst ook hierop. Evenals de natuur, is de mensch dus in staat uit niet meer dan een paar grondvormen, evenals de componist in de muziek, een oneindig aantal samenstellingen te ontwerpen, hetgeen trouwens uit de geschiedenis der bouwkunst blijkt.

De kunstenaar is natuurlijk van dit feit volkomen op de hoogte, omdat hij leeft in het rijk der verbeelding, die het hem mogelijk maakt de kunst door middel van zijn geest te openbaren. Ieder werkelijk groot kunstenaar openbaart het wezen des levens van zijn tijd 1). De historikus spreekt van datgene, wat werkelijk is gebeurd; de dichter van datgene wat wel zou kunnen gebeuren.

En het is alweer merkwaardig op te merken hoe in de geheele cultureele bouwgeschiedenis er een worsteling plaats heeft tusschen de vrije toepassing eener rijke verbeelding, en haar beperking. In het algemeen kan men zeggen, dat in het vervaltijdperk eener bepaalde kunst aan de verbeelding geen grenzen worden gesteld, maar in het middelste, het hoogte-tijdperk, wel. Dit bracht Goethe er toe te zeggen dat „in de beperking zich de meester toont", hetgeen zeggen wil, dat aan een kunstwerk de prijs toekomt, dat blijk geeft van uit een beheerschte

') Medicus, Grundfragen der Aesthetik.

Sluiten