Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Als bewaakster van dit reusachtige gravenveld ligt in het woestijnzand de beroemde Sphinxfiguur, een reusachtig leeuwinneüjf met een vrouwekop, rustig uitgestrekt, Afb. 29.

Men staat bij een bezoek aan Egypte altijd weer verbaasd over de bouwkunst, die de bewoners van dat land ons hebben nagelaten. Zooals reeds gezegd, werd in de oudheid alle artistieke kracht voor het huis der goden bewaard, waartegenover de woningbouw van geringe waarde bleef. Wat de oude Egyptische tempels ons aan slavenwerk te zien geven, grenst aan het wonderbaarlijke. Men heeft natuurlijk tempels van verschillende grootte. Monolithe zuilen van tientallen meters hoog werden naast elkaar geplaatst en met steenen balken en platen verbonden om de tempelruimte te vormen. De zuilen waren tot een kunstvorm behakt, met de lotosbloem als kapiteel, 't zij in knop, 't zij in kelkvorm, Afb. 26 en 27. Ook komen zuilen voor met maskers als kapiteel, die als overgang een klein tempeltje dragen tot dracht van den steenen balk. In de ronde zuilenvlakken en tempelwanden waren hiëroglyphen gekerfd en daarna beschilderd, waarvan de tekst ons door de ontcijfering van Champollion Lejeune is bekend gemaakt.

De Egyptische tempel bestond, al naar de afmeting, in Oosterschen geest uit een opeenvolging van open hoven, waarvan aan het eind in enkele kleine ruimten het heiligdom werd bewaard, Afb. 28. Een laan van sphinxen met dierenlichamen en menschenhoofden gaf toegang tot de ingangspoort, die uit twee machtige schuin oprijzende pyramidale vlakken bestond, met masten en hiëroglyphen versierd, ver-

Sluiten