is toegevoegd aan uw favorieten.

Het geestelijk rituaal der vrijmetselaren onder het Groot-Oosten der Nederlanden

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geslagen, terwijl de CHA deze laatste slagen heeft doen aanbrengen op dezelfde plaatsen als door het oude Engelsche en ook door ons rituaal van 1865 werden aangegeven. Ons oude rituaal van 1820 moet in dit opzicht fout zijn; de drie slagen waarmede de Cand.-. op het Tableau wordt neergeslagen hebben een geheel andere beteekenis dan de drie slagen van de booze gezellen, zelfs een tegengestelden zin. Wijzen deze op het neerslaan van den Meester in ons, de eerste beteekenen het neerslaan met W.\, K.\ en S.\ van de drie booze gezellen, van de stoffelijke begeerten in den mensch, terwijl de derde drieslag bij de inwijding voor het Altaar met de slagen op schouders en voorhoofd, juist de opheffing van den Meester in ons symboliseert. De CHA zag in de beide laatste drieslagen, die den Cand.-. door den Meester worden toegebracht, den opgaanden en neergaanden driehoek te zamen vormende het schild van David of het zegel van Salomo, ieder afzonderlijk gelijkzijdige driehoeken. Ik zou er liever in zien den Winkelhaak en den Passer; den Winkelhaak der drie kleine Lichten W.\, K.\ en S.\ bij het neerslaan, waarbij dan de slag op het hart symboliseert de Schoonheid in het Westen, in den top van den Winkelhaak, daar waar de beide Opzz.\ zich vereenigen, daar waar het Licht ondergaat d. w. z. wordt opgenomen in het menschelijke hart. De opgaande driehoek is dan de Passer van beide Opzz.\ en den Meester, de Passer van het scheppende Licht, en ik zou die slagen willen geven op de beide handen en op het voorhoofd, de beide handen liggende op het Boek des Lichts.

Laten we terugkeeren tot het verloop der plechtigheid. De Cand.-. Meester is neergeslagen op het Tableau; hij wordt bedekt met aarde, voorgesteld door een kleed, al dan niet met een weinig aarde bestrooid en daarop de acacia-tak. Daar ligt dan zijn stoffelijk lichaam, van aardsche begeerten ontdaan, en het wordt gezocht om het weer tot het leven te roepen.

De Wijsheid van den 2den Opz.\ schiet te kort om de aarde, het aardsche, te verwijderen, evenzoo de Kracht van den