is toegevoegd aan uw favorieten.

Het geestelijk rituaal der vrijmetselaren onder het Groot-Oosten der Nederlanden

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

V. SLOTWOORD.

Bij de vragen omtrent het Geheim der Vrijmetselarij bleek in den Catechismus van den eersten graad dat dit Geheim daar nog onbekend is, de driehoek van het geestelijke is daar nog achter den vierhoek van het stoffelijke verborgen. In den tweeden graad is het eveneens nog onbekend, men is daar verder gevorderd op den weg naar het Licht maar nog slechts één der Passerpunten gaat het Winkelhaakbeen te boven. In den derden graad wordt het Geheim bekend maar het blijft een Geheim, want het is met het verstand niet te peilen; dat is het slotwoord.

Het rituaal openbaart het Geheim aan den zoeker naar Licht, maar slechts dan als hij zich willig en deemoedig openstelt voor het hoogere inzicht van zijn Geleider. Laat hij diens hand los, stelt hij alleen zijn menschelijk verstand, zijn critischen zin aan den arbeid, dan wordt hij tot den boozen Gezel, die wel zoekt opdat hij zal vinden, doch die niet bidt opdat hem gegeven worde, die het Meesterwoord e i s c h t. Hem wordt dan op zijn klop niet opengedaan, want zijn kloppen wordt dan tot een reeks van slagen die hij den Meester toebrengt.

En dit is nu de menschelijke tragiek, dat de booze Gezellen altijd bij den mensch zijn, dat zij vast zijn verbonden aan de stof, aan de duisternis die wordt veroorzaakt doordat de stof het Licht onderschept, doet verkeeren in het tegendeel:

En daarom staat de mensch telkens weer in de duisternis waarin het Licht niet wordt begrepen. Maar als V.\M.\ weet hij dat de Meester in ons onsterfelijk is, dat de 0.\B.\ d.\ H.\ van het toppunt zijner Majesteit tot ons zal nederdalen om de booze Gezellen in ons neder te slaan en met sterken greep den Meester weer in ons op te heffen,