is toegevoegd aan uw favorieten.

Bijdragen uit de geschiedenis der vrijmetselarij

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tusschen de omringende volkeren. Daartoe bouwde hij den tempel in Jeruzalem, welke bestemd was het middelpunt te zijn van den godsdienst van zijn volk en tevens een zinnebeeld van hun nationale eenheid. Misschien was die tempel niet zoo prachtig als de overlevering verhaalt, doch de Koning was er toch zeer trotsch op en beschouwde hem als een der groote werken van dien tijd.

Bij dat werk werd hij geholpen door zijn bondgenoot Hiram, Koning van Tyrus, die een hoeveelheid materiaal voor het gebouw leverde en vele bekwame handwerkslieden leende om bij het werk behulpzaam te zijn, want de Phoeniciërs waren in het bouwen meer bedreven dan de Joden, die hoofdzakelijk een herdersvolk waren. Ook hadden zich ongeveer vijftig jaren eerder eenige der rondtrekkende groepen Vrijmetselaars, die zich de Dionysische Handwerkslieden noemden, in Phoenicië gevestigd, zoodat Koning niram in staat was vele bedreven werklieden te leveren. Dit verbond behoort tot de eeuwenoude geschiedenis, want Flavius Josephus vertelt ons dat zelfs in zijn tijd afschriften van de tusschen de twee Koningen gewisselde brieven in de Tyrische archieven te vinden waren en door studeerenden geraadpleegd konden worden, ) Ook Hiram Abiff was een werkelijke perj00** vonc^ kij niet den dood op de wijze welke in de Magonnieke overlevering vermeld wordt. Hij was eerder een versierder dan de feitelijke bouwmeester van den Tempel, zooals de verslagen in den Bijbel ons duidelijk zeggen. Hij was „een koperwerker, die vervuld was met wijsheid, en met verstand, en met wetenschap, om alle werk in het koper te maken."2) Hij was iemand ,,die weet te werken in goud, en in zilver, in koper, in ijzer, in steenen, en in hout, in

x) Josephus: Joodsche Oudheden, VIII.

2) I Koningen VII: 14.