is toegevoegd aan uw favorieten.

Bijdragen uit de geschiedenis der vrijmetselarij

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De geheime Mysteriën van het Gilde welke, buiten eenige onbelangrijke plaatselijke wijzigingen, gemeen zijn aan al deze afstammingslijnen (Keltisch, Saksisch en Vastelandsch), werden doorgegeven in de Loges der middeleeuwsche metselaars, die de eenheden van organisatie en arbeid binnen de gilden waren. Zij werden nimmer opgeschreven, doch mondeling van het eene geslacht aan het andere doorgegeven en de successie ging over van Meester op Meester, zooals nog heden ten dage. Het voornaamste werk van de Loges was natuurlijk praktische arbeid, en het bespiegelende rituaal, dat wat de hoofdzaken betreft zoo getrouw was doorgegeven, werd beschouwd als een oud erfdeel dat zorgvuldig aan het nageslacht moest worden overgegeven. Het is echter niet waarschijnlijk, dat meer dan slechts enkelen de ware bedoeling er van kenden of dachten dat het meer inhield dan alleen zedelijke voorschriften voor de levenswijze. Het is te danken aan het strikt houden van den E.,,nimmer die geheimen neer te schrijven" (een E. waaraan kracht zou bijgezet zijn door zekere straffen welke nog heden aan Vrijmetselaren niet onbekend zijn), dat geen spoor van het rituaal gevonden kan worden in eenig stuk vóór 1717, en het is wegens dit ontbreken van alle verslagen, dat vele Magonnieke geleerden gelooven dat het eerst in het begin van de achttiende eeuw werd samengesteld. Zelfs in de veertiende en vijftiende eeuw, toen de Oude Plichten werden opgeschreven, wordt geen melding gemaakt van de Legende van Hiram, want deze maakte deel uit van het geheime rituaal en mocht daarom niet geopenbaard worden. Een figuur in het portaal der Kathedraal van Peterborough, welke God den Zoon voorstelt, is afgebeeld bezig het Gez. T. v. V. te maken,1) wat aantoont dat

*) J. S. M. Ward, aangehaald werk, blz. 116.