is toegevoegd aan uw favorieten.

Bijdragen uit de geschiedenis der vrijmetselarij

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij er gebruik van, terwijl de diepere beteekenis voor de menigte verborgen werd; doch wanneer, in het verhaal van de ontwikkeling van bovenzinnelijke dingen, de uitvoering van die zekere gebeurtenissen welke reeds door de mystieke beteekenis waren aangeduid niet volgde, dan werd door de Schrift in de geschiedenis het verhaal ingeweven van eenige gebeurtenis welke niet plaats had, soms wat niet gebeurd kon zijn; soms wat wel gebeurd had kunnen zijn, doch niet plaats had."1)

Dit is een der werkwijzen waardoor de geheime leeringen verborgen worden voor de profanen, die ze terzijde leggen omdat zij denken dat ze als geschiedenis onnauwkeurig en niet belangwekkend zijn en zoodoende hun diepere beteekenis volkomen missen.

De Fama Fraternitatis die, zooals algemeen erkend wordt, alleen een overlevering bevat welke opgeschreven werd lang nadat de vermelde gebeurtenissen plaats hadden, vertelt ons dat C.\ R.\ C.\ in 1378 geboren werd uit arme doch edele ouders, en dat hij reeds zeer vroeg in zijn leven in een klooster trad. Toen hij nog heel jong was, zou hij naar Cyprus gereisd zijn met een Broeder P. A. L. die daar stierf. Hij stak toen over naar Palestina en kwam op zestienjarigen leeftijd in aanraking met de wijzen van Damcar in Arabië,

„Die hem niet als een vreemdeling ontvingen (zooals hij zelf getuigde), doch als iemand dien zij reeds lang verwacht hadden; zij noemden hem bij zijn naam en toonden hem andere geheimen uit zijn klooster, waarover hij niet anders dan ten hoogste verbaasd kon zijn."2)

x) Origenes, Boek IV, Hfdst. I, 15 (Uitgave der Ante-Nicene Library).

2) Fama Fraternitatis, aangehaald in The Real History of the Rosicrucians, blz. 67, uit welke vertaling de volgende aanhalingen ook genomen zijn.