is toegevoegd aan uw favorieten.

Het testament van de stervende moeder der broeder-uniteit, waarin zij, te midden van haar volk en naar haar bijzonder wezen haar levensloop voleindigd hebbende, de haar door God toevertrouwde schatten onder hare zonen en erfgenamen verdeelt.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ook de kerk der Uniteit vergaat; dit alles geschiedt ongetwijfeld, omdat God het gelaat des aardrijks vernieuwen wil (Psalm 104 : 30).

2. Onder deze verwisselingen aanschouw ik ook de verandering, die aan mij geschied is, en mijn ondergang. Ziende, dat ik om mijner zonden wil door God onder de tucht ben gesteld, ver van mijn volk en taal tot vreemdelingschap ben verwezen, en ook reeds door mijne geburen ben verlaten, die zich zelf rust verschaften en mij en mijn vaderland vergaten, zoodat ik, als de Heer bekrachtigt, hetgeen de menschen doen, zie, dat ik ontslapen zal, nadat ik den raad Gods gediend heb (Handelingen 13 : 36). Zoo wil ik dan nu doen, zooals de verstandigen dezer wereld plegen te handelen, die, als zij iets te vermaken hebben, beschikkingen pogen te treffen aangaande de erfgenamen en den hun door God verleenden zegen onder hen verdeelen, opdat hij niet verloren ga of uiteenvalle en er op deze wijze na hun dood niets dan tweedracht zou ontstaan. Daarop doelt ook de bekende aan Hizkia gegeven vermaning des Heeren: Geef bevel aan uw huis, want gij zult sterven (Jesaja 38 : 1) en zij herinnert er ieder aan, wien God een huis toevertrouwd heeft, de wereld niet te verlaten, voordat hij orde op zijne zaken gesteld heeft.

3. Komt nu hier, mijne zonen, stelt u rondom mijn sterfbed, en let op de woorden, die ik, uwe Moeder, die u het leven gegeven heb, tot u spreken zal. Ach, mijne zonen, ik heb u met vreugde groot gebracht en scheid van u in jammer en harteleed, want gij hebt zonde bedreven tegen den Heer, uwen God, en gedaan,