is toegevoegd aan uw favorieten.

Hemelse verborgenheden (arcana coelestica) in de heilige schrift of het woord des Heeren, onthuld hier vooreerst die in genesis, alsmede de wonderlijke dingen, gezien in de wereld der geesten en in den hemel der engelen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aschkenas en Rifath, en Thogarmah. En de zonen van Javan: Elischah, en Tharschisch, de Kitthim en de Dodanim. Door de zonen van Gomer worden ook zij aangeduid, die een uiterlijken godsdienst hadden, maar die afstamde van den godsdienst, welke bij de natie van Gomer was. Aschkenas, Rifath en Thogarmah waren even zoovele natiën, bij welke een dergelijke godsdienst bestond, en met welke even zoovele leeringen worden aangeduid, die riten waren, afgeleid van den uiterlijken godsdienst bij Gomer. Door de zonen van Javan worden nog weer anderen aangeduid, die een uiterlijken godsdienst hadden, welke afstamde van den godsdienst, die bij de natie van Javan was. Elischah, Tharschisch, de Kitthim en de Dodanim waren even zoovele natiën, welke zulk een godsdienst hadden, en door welke even zoovele leeringen worden aangeduid, die riten waren, afgeleid van den uiterlijken godsdienst bij Javan.

1153. Dat door de zonen van Gomer ook diegenen worden aangeduid, die een uiterlijken godsdienst hadden, maar die afstamde van den godsdienst, welke bij de natie van Gomer was, volgt uit hetgeen eerder eenige malen over de beteekems van zonen is gezegd en aan-

fa j° V00r, , hlerult> dat Gomer een van die natiën s, die een met den innerlijken overeenstemmenden uiterlijken godsdienst hadden. In het voorgaande vers worden zeven natiën genoemd, die in zulk een godsdienst waren, en hier zijn het wederom zeven natiën, de zonen van brom er en Javan geheeten; wat er voor een bijzonder onderscheid tusschen dezen en genen bestond, kan echter niet gezegd worden, daar zij hier alleen maar opgenoemd worden. Maar bij de Profeten, alwaar over dezen en genen godsdienst der Kerk in het bijzonder gehandeld wordt, kunnen de verschillen blijken; in het algemeen opdragen zich alle verschillen in den uiterlijken godsdienst, alsmede de verschillen in den innerlijken godsdienst, overeenkomstig de aanbidding van den Heer in en godsdienst en de aanbidding gedraagt zich naar gelang van de liefde tot den Heer en de liefde jegens den naaste, want in de liefde is de Heer tegenwoordig, aldus in den godsdienst; overeenkomstig deze verhouding waren derhalve de verschillen in den godsdienst bij de hier genoemde natiën. Om het nog duidelijker te zeggen