is toegevoegd aan uw favorieten.

Hemelse verborgenheden (arcana coelestica) in de heilige schrift of het woord des Heeren, onthuld hier vooreerst die in genesis, alsmede de wonderlijke dingen, gezien in de wereld der geesten en in den hemel der engelen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als de redelooze dieren, alleen naar de aarde, waarop hij slechts als vreemdeling vertoeft, nog minder naar de hel. Dit is de dienst van het redelijke; daarom kan men, wanneer de mensch niet van dien aard is, dat hij zoo denken kan, niet zeggen, dat hij het redelijke heeft; aan het leven van het gebruik of de functie daarvan wordt onderkend, of hij redelijk wordt. Redeneeren tegen het goede en ware, dat men in zijn hart loochent, en dat men kent omdat men daarvan gehoord heeft, is niet het redelijke hebben; dit kunnen ook velen, die uiterlijk zonder banden zich in alle euveldaad storten, met dit onderscheid alleen, dat zij, die het redelijke meenen te hebben en het niet hebben, een zekere waardigheid in hun gesprekken leggen, en in hun handelingen een geveinsde eerzaamheid, waarin zij gehouden worden door uiterlijke banden, welke zijn de vrees voor de wet en voor het verlies van gewin, eer, goeden naam, leven; wanneer deze banden, die uiterlijk zijn, werden weggenomen, zouden sommigen van hen nog onzinniger worden dan genen; daarom kan men van niemand zeggen, dat hij het redelijke heeft om het feit dat hij redeneeren kan; ja zelfs plegen zij, die het redelijke niet hebben, uit zinnelijke en wetenschappelijke dingen veel bedrevener te spreken dan zij die het redelijke wel hebben. Dit komt ten duidelijkste bij de booze geesten in het andere leven uit; hoewel zij voor veel redelijker doorgingen dan anderen, zoolang zij in het lichaam leefden, zijn zij toch, wanneer de uiterlijke banden, die de waardigheid van hun gesprekken en de geveinsde eerzaamheid van hun leven aanbrachten, worden weggenomen (zooals dit met allen in het andere leven pleegt te geschieden), veel onzinniger dan zij, die in de wereld werkelijk waanzinnig zijn, want zij storten zich in alle euveldaad zonder schaamte, zonder vrees, zonder afgrijzen. Met hen daarentegen, die redelijk waren toen zij in de wereld leefden, is dit niet het geval; wanneer hun de uiterlijke banden worden afgenomen, zijn zij nog verstandiger, want zij hadden innerlijke banden, die de banden van het geweten zijn, waardoor de Heer hun gedachten gebonden hield aan de wetten van het ware en goede, die hun redelijke dingen waren.

1945. Dat de woorden: „gij zult eenen zoon baren"