is toegevoegd aan uw favorieten.

Hemelse verborgenheden (arcana coelestica) in de heilige schrift of het woord des Heeren, onthuld hier vooreerst die in genesis, alsmede de wonderlijke dingen, gezien in de wereld der geesten en in den hemel der engelen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

richten tusschen Mij en tusschen u" de vereeniging beteekenen, blijkt uit de beteekenis van bet verbond, zijnde de vereeniging, waarover eerder in de nrs. 665, 666, 1023, 1038, over welke vereeniging in dit hoofdstuk en eerder herhaaldelijk gehandeld is, en aangetoond, dat Jehovah, die hier spreekt, in Hem was, omdat Hij één met Hem was van de eerste ontvangenis en geboorte af, want Hij was van Jehovah ontvangen en vandaar was Zijn Innerlijke Jehovah; en dit is door iets dergelijks bij den mensch verduidelijkt, nr. 1999, dat namelijk zijn ziel één is met het lichaam, of zijn innerlijke met het uiterlijke, hoewel zij van elkander onderscheiden zijn, en somtijds dermate onderscheiden, dat het eene met het andere in strijd is, zooals dit in verzoekingen het geval pleegt te zijn, waarin het innerlijke het uiterlijke bestraft en het booze, dat in het uiterlijke is, verwerpen wil; en nochtans zijn zij verbonden, of één, daar zoowel de ziel als het lichaam denzelfden mensch toebehoort; tot voorbeeld diene, wie anders denkt dan hij met zijn gelaat toont, met den mond spreekt en met het gebaar doet; bij hem is dan iets innerlijks dat met het uiterlijke in strijd is, maar nochtans zijn zij één, want het denken behoort evenzeer tot den mensch als het uiterlijke van gelaat, mond en gebaar; er is echter vereeniging, wanneer deze, namelijk het gelaat, de taal van den mond en het gebaar met het denken samenstemmen; dit ter verduidelijking.

2019. Dat de woorden: „en tusschen uw zaad na u" de verbinding beteekenen met hen die geloof in Hem hebben, blijkt uit de beteekenis van het zaad, zijnde het geloof, waarover in de nrs. 1025, 1447, 1610; voorts uit de beteekenis van „na u", zijnde volgen; het is in het Woord een gebruikelijke zegswijze „iemand nawandelen", zooals bij Jerem. 7:6; hfdst. 8:2; Ezech. 20 : 16; voorts Markus 8 : 34; Lukas 9l : 23; hfdst. 14 : 27; vandaar beteekent hier „het zaad na u" hen, die in het geloof zijn, en Hem volgen; in den innerlijken zin hen, die van Hem geboren zijn.

2020. Dat de woorden: „in hunne geslachten" de dingen beteekenen, die tot het geloof behooren, blijkt uit de beteekenis van de geslachten, zijnde de dingen, die van de naastenliefde verwekt en geboren zijn, dat wil zeggen, alle dingen die tot het geloof behooren, of, wat hetzelfde