is toegevoegd aan uw favorieten.

Hemelse verborgenheden (arcana coelestica) in de heilige schrift of het woord des Heeren, onthuld hier vooreerst die in genesis, alsmede de wonderlijke dingen, gezien in de wereld der geesten en in den hemel der engelen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2022. Dat de woorden: „om u te zijn tot God" het Goddelijke des Heeren in Hem beteekenen, blijkt uit hetgeen hierboven gezegd is over het Goddelijk Wezen des Heeren, namelijk dat het in Hem was.

2023. Dat de woorden: „en uw zaad na u" beteekenen daarvandaan het Goddelijke bij hen, die geloof in Hem hebben, blijkt uit de beteekenis van het zaad, zijnde het geloof der naastenliefde, waarover in de nrs. 1025, 1447, 1610 gehandeld is; voorts uit de beteekenis van ,,na u", namelijk dat het is Hem navolgen, waarover kort te voren in nr. 2019. Het Goddelijke bij hen, die geloof in Hem hebben, is de liefde en de naastenliefde; onder liefde wordt de liefde tot den Heer verstaan, onder naastenliefde de liefde jegens den naaste; de liefde tot den Heer kan nooit gescheiden worden van de liefde jegens den naaste, want de liefde des Heeren is jegens het gansche menschelijke geslacht, dat Hij tot in eeuwigheid behouden wil en geheel en al aan zich wil toevoegen, zoodat er geen van hen verloren zou gaan; wie derhalve liefde tot den Heer heeft, heeft de liefde des Heeren, en zoo kan hij niet anders dan den naaste liefhebben; maar zij, die in de liefde tot den naaste zijn, zijn daarom niet allen in de liefde tot den Heer, zooals bijvoorbeeld de rechtschapen heidenen, die in onwetendheid omtrent den Heer verkeeren, maar bij wie nochtans de Heer in de naastenliefde tegenwoordig is, zooals in het eerste deel in de nrs. 1032, 1059 is aangetoond, voorts ook anderen binnen de Kerk; want de liefde tot den Heer is van een hoogeren graad; zij, die liefde tot den Heer hebben, zijn hemelsche menschen, maar zij die liefde jegens den naaste of naastenliefde hebben, zijn geestelijke menschen; de Oudste Kerk, die voor den vloed bestond, en hemelsc.h was, was in de liefde tot den Heer; de Oude Kerk echter, die na den vloed bestond, en geestelijk was, was in de liefde jegens den naaste of in de naastenliefde; dit onderscheid tusschen de liefde en de naastenliefde moet gemaakt worden, wanneer zij in hetgeen volgt genoemd worden.

2024. Yers 8. En Ik zal u, en uw zaad na u, het land uwer vreemdelingschappen geven, het geheele land Kanacin, tot eeuwige bezitting, en Ik zal hun tot God zijn. Ik zal u, en uw zaad na u, het land uwer vreemde-