is toegevoegd aan uw favorieten.

Mensch, God en onsterfelijkheid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hebben te gelooven,dat de meeste,zoo niet al de achtergebleven rassen, gestadig, hoewel langzaam, vorderen of ten minste dit deden, totdat zij tot hun ongeluk in noodlottige aanraking kwamen met de Europeesche beschaving. De oude theorie van een toenemende ontaarding der menschheid in het algemeen vanaf een oorspronkelijken staat van deugd en volkomenheid is ontbloot zelfs van het geringste blijk van waarschijnlijkheid. Zelfs de beperktere en meer houdbare theorie, dat enkele rassen gedeeltelijk gedegenereerd zijn, rust, naar ik meen, op zeer eenzijdige gevolgtrekkingen. Voor mijzelf sprekende, kan ik zeggen, dat ik bij mijn lectuur over wilden met weinig of geen feiten in aanraking ben gekomen, die helder en ondubbelzinnig wijzen op degeneratie van het ras. Zelfs bij de Australische inboorlingen, de minst vóórlijken onder de menschheid, heb ik, zoover ik mij herinner, niet de minste aanduiding gevonden, dat zij eenmaal een hooger peil van beschaving hadden bereikt, dan dat, waarop zij door de Europeanen werden ontdekt. Integendeel, veel in hun gebruiken en geloofsvormen schijnt mij zeer sterk te pleiten voor de conclusie, dat de oorspronkelijke Australische samenleving, voorzoover wij die terug in het verleden kunnen nagaan, een bepaalden vooruitgang heeft gemaakt langs een opwaartschen weg van lager tot hooger vormen van maatschappelijk leven. Die vooruitgang schijnt in zekere deelen van Australië geholpen, zoo niet ingeleid, te zijn door gunstige natuuromstandigheden, voornamelijk door een sterkeren regenval in de bergstreken bij de kust, met het natuurlijk gevolg van grooter voorraad voedsel in tegenstelling met de droogte en onvruchtbaarheid van het woestijnland binnenin.

3. DE VERGELIJKENDE METHODE. *)

Het gebied van de mentale of sociale anthropologie kan bepaald worden als de studie van de geestelijke en maatschappelijke gesteldheid van verschillende menschenrassen, vooral van de meer primi-

J) "The Scope and Method of Mental Anthropology" ,Science Progress, No. 64, April 1922, blz. 584—586.