is toegevoegd aan uw favorieten.

Mensch, God en onsterfelijkheid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stelsel is door en door democratisch; het is eenvoudig een denkbeeldige broederschap, op voet van volkomen gelijkheid, tusschen een groep menschen aan den eenen kant en een groep dingen (gewoonlijk een soort dieren of planten) aan den anderen kant. Zonder twijfel kan het onder gunstige omstandigheden overgaan in een vereering van dieren of planten, van de zon of de maan, van de zee of van rivieren of wat ook het bijzondere totem geweest mag zijn, maar zulk een vereering wordt nooit onder de laagste wilden, die het totemisme nog in zijn zuiversten vorm hebben, aangetroffen; zij komt alleen voor onder volken, die een belangrijken vooruitgang in beschaving hebben gemaakt, en zoo zijn wij gerechtigd om haar als een later stadium in de godsdienstige ontwikkeling te beschouwen, als een product van ontbinding en verval van het eigenlijk totemisme.

39. DE VERBREIDING VAN HET TOTEMISME.x)

Als we onderstellingen buiten sluiten en ons enkel aan de feiten houden, dan kunnen wij in het algemeen zeggen, dat totemisme in zwang is bij vele wilde en barbaarsche volken, de zoogenaamde lagere rassen, die de vastelanden en eilanden der tropen en van het Zuidelijk halfrond bewonen, met nog een groot deel van NoordAmerika er bij, en wier huidskleur loopt van koolzwart door donkerbruin heen tot rood. Met de twijfelachtige uitzondering van een paar mongoloïde stammen in Assam, is geen geel of blank ras totemistisch. Als dus de beschaving over 't geheel, naar het schijnt, direct met de huidskleur wisselt, en vermeerdert of vermindert met het verbleeken of verdonkeren van de huid, dan kunnen we als algemeenen regel vaststellen, dat het totemisme een instelling is, eigen aan donkerkleurige en minder beschaafde menschenrassen, die over de tropen en het zuidelijk halfrond zijn verspreid, maar ook overgevloeid naar NoordAmerika.

Vanzelf doet zich nu de vraag voor, hoe het totemisme over zoo'n groot deel van het menschelijk geslacht en zoo'n groot oppervlak

2) Totemism and Exogamy, deel IV, blz. 14—16.

Mensch, God en Onsterfelijkheid. ^