is toegevoegd aan uw favorieten.

De tooverspiegel

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dat de kip zwart is, voert hare gedachten in eene andere richting. De zwarte kip wordt gebruikt door de mannen, terwijl voor de meisjes witte dieren dienst doen. Dit doet haar denken aan de vaak geslaakte verzuchting „ik wou dat ik een jongen was!"

De bronzen schaal voert eveneens tot allerlei religieuse voorstellingen via wierookschalen en dergelijke. Ook doet t geheel haar denken aan het hoofd van Johannes op den schotel, gedragen door Salome. Maar zij wordt telkens met Salome vergeleken en zij neemt vaak het hoofd van haar verloofde in hare handen en denkt dan aan die geschiedenis.

In een later visioen komt de zwarte kip nog eens voor den dag. Maar dan is ze in een zak gestopt, die door een hand wordt dichtgehouden. — Daarin ziet ze zelf het beeld van het uiterlijk godsdienstig formalisme, welks macht door haar overwonnen is.

We zien dus dat met dit betrekkelijk eenvoudige beeld verschillende van hare belangrijkste gevoelscomplexen samenhangen.

Zoo gaat het eveneens met alle andere beelden. Op een anderen avond ziet ze bijv. een vos, die voorbij sluipt en in een hond verandert. Hare invallen loopen alle uit op sluwheid; dat de vos in een hond verandert is slechts eene vermomming. Ze denkt aan allerlei gelegenheden waarbij ze bedot is. Daarom let ze altijd nauwkeurig op de gelaatsuitdrukking der menschen, met wie ze in aanraking komt. Maar toch wordt ze nog dikwijls bedrogen, vooral als ze denkt dat het niet meer mogelijk is en ze dus niet zoo op haar hoede is. Dit is ook een van hare groote verdrietelijkheden ; ze verlangt naar vertrouwelijkheid en wordt telkens teleurgesteld. Overal vindt ze bedrog en valschheid.

Bij eene andere proef ziet ze een zwarte kat. Deze doet haar vooral denken aan de valschheid der menschen, die even lief zich voordoen, maar die men toch nooit vertrouwen kan.

Sommige beelden treden meermalen op. Zoo komt vrijwel in alle zittingen het beeld van een ouden Jood, maar telkens in andere omstandigheden. Reeds in de eerste zitting ziet 187