is toegevoegd aan uw favorieten.

De oorsprong der Grieksche wijsbegeerte

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schiert hebben (vgl. D. L. 8 : 70-73) Anaximander en (omtrent 455) Empedocles nog rondgewandeld in de kleeding der orpheotelesten; voor goden heeft naar het zeggen ('De Gen. et Corr.' 2 : 6, 6) van Aristoteles Empedocles de elementen gehouden, wat Perzisch was, Mithreesch en Orphisch, en niettemin of juist daarom als opgegevene waanvoorstelling van thans bekeerden is weer te vinden (Gal. 4 : 3. 9, Col. 2 : 8. 20) in het Paulinisme. En de 'Katharmen' van Empedocles doen onmiddellijk denken aan Orphische inwijdingen ; dat hieraan geslachtelijke onthouding en wasschingen werden tepas gebracht, erkent Livius 39 : 9, en het is niet te betwijfelen, dat zijne beschrijving der in 187 v. Chr. te Rome onderdrukte Bacchanaliën met onwaarheid vermengd is door den oud Romeinschen afkeer van vreemde en geheimzinnige eerediensten, die ook de eerste Christenen nog aan zwartmakerij heeft blootgesteld. 1 „Vromer en rechtschapener en in elk opzicht beter," schrijft (5 : 49) Diodorus, „worden, naar men zegt, degenen, die van de mysteriën deelgenooten geworden zijn," en later zegt ('over goden en wereld' 12) de met keizer Julianus bevriende Sallustius, dat de inwijdingen geschiedden, om de zielen mede af te houden van het zondigen. „De sacra van vader Liber," getuigt Servius Grammaticus (bij. Verg. Georg. 1 : 166), „hadden betrekking op de reiniging der ziel, en de menschen werden door zijne mysteriën gezuiverd, gelijk met de wan de zuivering geschiedt van het koren." (Vgl. hier Matth. 3 : 12 en Luc. 3 : 17.) De Orphische ingewijden (Hymn. Orph. 84 : 3) zijn als zoodanig

1) TpUt É7ttyvpiSawiv ri/üv cyxXi^ara- a&sÓTJji-a, SuiiTSta Saizm, oiSticoStiovf Athenagoras pro Christianis 3.