is toegevoegd aan je favorieten.

Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde van Middeleeuwen en Rederijkerstijd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

156

teeken in de Oude Kerk te Amsterdam voor Cornelis Jansz. de Haan (1688), dat met een Latijnsch grafschrift van BakijAEUS prijkt en met een Nederlandsch van Beael, namelijk:

„Hier rust die Heldt, die van sijns vijands schepen In seven mael quam seven vlaggen slepen, En gaf voor 't laest op twee soo dapper vonck, Dat 't eene vlood en 't ander bij hem sonck".

Zijn broeder Willem de Keyser, die hem in 1647 als stadsbeeldhouwer verving, voerde samen met Rombout Verhuistx) het ontwerp van Jacob van Campen voor het praalgraf van Maarten Harpertsz. Tromp in de Oude Kerk te Delft uit (1654). Eene gravure van dat praalgraf door Cornelis van Dalen heeft een achtregelig grafdicht van Vondel tot onderschrift: „Hier rust de Zee-Held Tromp, de dappere beschermer der Zee-vaert en der Zee," enz. Ook voor eene allegorische voorstelling van Tromp als Neptunus, op een wagen door zeepaarden voortgetrokken, heeft Vondel een bijschrift gemaakt.

Omstreeks denzelfden tijd vervaardigden Willem de Keyser en Eombout Verhulst samen ook naar Van Campen's ontwerp het praalgraf voor Jan van Galen in de Nieuwe Kerk te Amsterdam, met het bekende grafdicht: „Hier leidt in 't Graf van Eer de dappere van Gaaien", enz. De Mechelsche beeldhouwer Eombout Verhulst, die voor deze beide gedenkteekenen nog met Willem de Keyser samenwerkte, heeft door zijn meerder talent zijn medearbeider weldra geheel verdrongen en kan in de tweede helft der zeventiende eeuw beschouwd worden als de officiëele beeldhouwer der Staten-Generaal. Als zoodanig beitelde hij in 1665 het praalgraf voor Egbert Meeuwsz. Kortenaar in de Groote of St.Laurenskerk te Botterdam, met Brandt's beroemd woordspelend grafschrift:

„De Helt der Maas, verminkt aan oog en rechterhant, En echter 't oog van 't roer, de vuist van 't vaderlant, De grote Kortenaar, de schrik van 's vyants vloten, d'Ontsluiter van de Zondt, legt in dit graf besloten".

Daarop volgde van hem in 1670 het gedenkteeken voor den schout-bij-nacht Willem van der Zaan, met een, G. Stijls geteekend, grafdicht: „Dit is door 't Landt tot Eer van Van der

») Voor Rombout Verhulst zie men M. van Nbtten, Rombout Verhuist, Overzicht zijner werken, 's-Grav. 1967.