is toegevoegd aan je favorieten.

Om der waarheid wil

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

met 't Oude Testament heeft bezig gehouden als van zelf min of meer gedrongen wordt. Maar dan mag men niet aan een bepaalde opvatting der détails en niet aan een bepaalde beschouwing van den vorm der gedachten gebonden worden; wordt men dat wel. zoo wordt het onmogelijk verder te gaan; en worden de moeilijkheden, welke de détails en de gedachtenvorm opleveren, genegeerd, wat altijd nog maar voor een bepaalden, beperkten tijd mogelijk is, dan is daar in principe de dood voor de exegese als wetenschap, dan ontaardt zij in een telkens weer, zij het al met vormvariatie, herhalen van wat zoo al gemeend wordt. Men mag bij het wetenschappelijkexegetisch onderzoek van een bepaald schriftgedeelte niet gebonden zijn door een bepaalde opvatting van dat bepaalde schriftgedeelte, betreffende den gedachtenvorm daarvan, tenzij van elders uit de H. S. blijkt, dat die bepaalde Opvatting door haar geëischt wordt. Wij, Gereformeerden, hoe hoog wij de Dogmatiek ook achten, hebben nochtans ook dit axioma, dezen grondregel, dat zij niet over de exegese als domina over serva heerschen mag.

De exegetische moeilijkheden, die de H. S, ons biedt, hebben tijdens de Christelijke aera alle eeuwen door bewerkt, dat 't navorschend denken der menschen zich met den Bijbel intensief bezig hield en o. i. zullen zij ook in de toekomst bewerken, dat 't navorschend denken zich met de H. S. zal blijven bemoeien. Wanneer de natuur geen raadselen aan den mensch meer bood, maar door-bestudeerd was, zoo zou, naar ons inzien, 't navorschend denken des menschen zich niet meer op haar, doch op andere objecten richten en de natuurkunde als wetenschap, in den zin van wetenschappelijk onderzoek en haar resultaat, zou ophouden te bestaan, de natuur zou voor 't navorschend denken, die hooge en edele functie van den menschelijken geest haar waarde en beteekenis verloren hebben. Het zelfde is o. i. ook 't geval met de Schriftuur. Wanneer zij voor ons geen problemen, geen moeilijkheden, geen raadselen meer bevatten, zou 't navorschend denken des menschen zich van haar afwenden, zij zou voor dat denken haar waarde en be-