Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

$ 132. Moraal, kerkelijk recht en bijbelstudie.

249

van het werk, waardoor de schrijver als de doctor planus, utilis beroemd werd. Zeer veel is later deze Postilla gebruiktx). De vroegere rabbijn Salomon Levi, later bekend als Paulus van Burgos (1345) en bisschop dezer stad, voegde met goede bedoeling Additiones aan de Postilla van Nicolaus van Lyra toe, die hij aanvulde en verbeterde. Daarom echter werd hij zeer hevig aangevallen door Mathias Döhring O. M. (f 1469) in het Defensorium Nicolai Lyrani, dat, ook Correctorium Corruptorii door hem betiteld, meer uitmunt door onhoffehjkheid dan door wetenschappelijke waarde. De beroemdste schriftuurverklaarder dier tijden is wel Alphonsus Tostatus (f 1452), AbuUnsis bijgenaamd. Zijn hoofdwerk is een Commentarius in Libros Mstoricos V. T. en In Evangélium St. Matthaei, dat nog heden met nut kan worden gebruikt. Al zijn werken beslaan 24 fohodeelen2). De bijbelverklaringen beoogen den letterlijken zin, zijn meestal zeer lang, maar altijd vernuftig en scherpzinnig. Hem volgde de onvermoeide werker Dionysius de Kartuizer (1471) van het klooster te Roermond. Hij schreef Gommentaria op den ganschen bijbel. De beste zijn de Psalmen, Job, de Boeken der Wijsheid, de Propheten, de Evangeliën en de Brieven van Paulus. Minder waarde hebben de historische boeken 8).

Naast deze grootsten muntten nog door bijbelstudiën uit: Aegidius Romanus (f 1316); Petrus Aureolus (f 1322) wiens Breviarium Bibliorum nog onlangs herdrukt is *). Ludolphus de Saxonia (t 1335), die een Vita Domini nostri Jesu Christi schreef, dat overal en ook ten onzent zeer veel is gelezenB); Jacob Perez (t 1491) met commentaren op het Canticum Canticorum. Postillen leverden Nicolaus van Gorrham P. 0. (f 1375), Henricus van Hessen (f 1427), Nicolaus van Dirikelsbühl (f 1433)en Thomas Hasselbach. Joannes Gerson (f 1429) maakte zich verdienstehjk door zijn Propositiones de sensu literali scripturae et de causis errantium.

Reeds vroeger, maar vooral in deze periode ontstonden alom

1) Vandaar zeide men : Nisi Lyra lyrasset, totus mundus delyrasset; en ook : Si Lyra non lyrasset, Lutherus non saltasset. Zie echter Gornely, Introductio, No. 249.

2) Venetiis 1615.

3) Ed. Montrol. 1896 ss. *) Quarachi 1896.

6) Ed. Parisiensis 1865, 1870.

Sluiten